Tekst 21 juni 2018

Ademen

Donderdagavond begeleidt Elise de avond. Ze schrijft:

 

Aandacht voor onze ademhaling is zo basaal, en zo wezenlijk. Zo fijn dat onze adem bij wijze van spreken altijd binnen handbereik is!

Aandachtig ademen helpt mij om intenser te genieten van mooie momenten. En het helpt mij om op moeilijke momenten open te blijven naar mezelf en naar de ander.

Als ik druk bezig ben, gaat met eventjes 3 keer bewust ademen mijn innerlijke versnellings-pook meteen naar een lagere versnelling.

Wanneer ik mediteer, is er ‘gewoon’ het ademen-om-te-ademen. Mijn favoriete hulpwoordjes op mijn in- en uitadem zijn simpelweg: “In…- Uit…” En: “Hier…- Nu…” En: “Komen…- Gaan…”

 

We lezen onderstaande teksten van Thich Nhat Hanh.

En doen o.a. een korte loopmeditatie (als het droog is).


Mindfulness van de adem

 

Als we er echt willen zijn, moeten we het lichaam bij de geest terugbrengen en de geest bij het lichaam. We moeten iets tot stand brengen dat ‘eenheid van lichaam en geest’ wordt genoemd. Dit is heel belangrijk in de boeddhistische meditatie. Vaak gaan lichaam en geest elk een andere kant op en zijn we er dus niet meer volledig. Daarom moeten we doen wat nodig is om ze weer bij elkaar te brengen. Het boeddhisme leert ons methoden om  dat te doen, zoals mindfulness van de adem.

Je zou kunnen zeggen dat de adem een soort brug is tussen lichaam en geest. Als je bij je ademhaling terugkeert, komen je lichaam en geest ook stap voor stap weer bij elkaar. Om met aandacht te ademen kun je in stilte tegen jezelf zeggen: 'Ik adem in en weet dat ik inadem. Ik adem uit en weet dat ik uitadem.' Je hoeft maar een paar seconden aandachtig te ademen om ervoor te zorgen dat  je lichaam en geest weer bij elkaar beginnen te komen.

Dat is heel gemakkelijk. Zelfs een kind kan het doen. Concentreer je gewoon op je in- en uitademing. Je denkt aan niets anders. Het verleden, de toekomst, je zorgen, woede en wanhoop zijn er niet meer. Er is nog maar één ding: je in- en uitademing.

Je moet je in- en uitademing intens ervaren. Terwijl je zit, kun je echt genieten van het in- en uitademen. Doe het eens en geniet twintig minuten lang van je ademhaling, terwijl je enkel maar aanwezig bent. Je bent er en je hoeft niets te doen, behalve genieten van aandachtig ademen.

Deze oefening kan echt heel prettig zijn. Ik adem in, fantastisch! Het is lekker, heel plezierig. Stel dat je een verstopte neus hebt of astma. Er is geen lucht in de kamer en je hebt het benauwd. Nu is je neus open. Je hebt geen astma en je krijgt lucht genoeg. Dat is geweldig! Je ademt uit en je glimlacht.

(uit: Thich Nhat Hanh, “Hier en nu”, blz. 47)


Toevlucht zoeken

 

Als ik inadem, ga ik terug

naar het eiland binnen in mij.

Er zijn mooie bomen op het eiland.

Er zijn frisse waterstromen.

Er zijn vogels, zonneschijn en frisse lucht.

Als ik uitadem, voel ik me veilig.

Ik verheug me erop naar mijn eiland terug te gaan

 

Als ik aandachtig inadem,

ontmoet ik de Boeddha in mijzelf.

Boeddha is aandacht.

Zijn fakkel is er altijd

en verlicht mijn pad.

Het pad van komen,

het pad van gaan,

het pad van mijn geest,

het pad van mijn leven.

Als ik aandachtig uitadem,

zie ik mijn pad helder,

ver of dichtbij.

 

Als ik inadem, vind ik de Dharma in mijn adem.

De ademhaling beschermt mij,

beschermt mijn lichaam,

beschermt mijn geest.

Als ik uitadem,

houd ik de adem levendig,

zodat ik mijzelf voortdurend bescherm.

 

Als ik inadem,

herken ik de vijf skandha’s als mijn Sangha.

De ademhaling brengt harmonie tot stand.

De ademhaling brengt vrede voort.

Als ik uitadem,

verheug ik mij in de eenheid

van mijn zijn.

(uit: Thich Nhat Hanh, “Als ik adem”, blz. 42)